100 jaar Aardappeloproer

Het oproer begon in de Noord-Jordaan

Wandeling

Zondag 2 juli  2017, groepen kunnen zich melden voor deze wandeling
Tijden 11 – 13.00 uur
Kosten € 10,00 p.p.
Maximum aantal deelnemers 12
Verzamelen: De Rietvinck, Vinkenstraat 185
Aanmelden  is noodzakelijk:  info@jordaanmuseum.nl  of 06 40 227 265

Wandeling

Tijdens deze wandeling volgen wij het spoor van de vrouwen die in de ochtend van donderdag 28 juni 1917 in de Noord-Jordaan begonnen aan een lange tocht door de stad – op zoek naar eten.
Het Amsterdamse Aardappeloproer begon die dag aan de Prinsengracht waar destijds de overslag van aardappelen voor de lokale bevoorrading plaats vond. 

De kade van de Prinsengracht ten westen van de Prinsenbrug. Nationaal Archief/Collectie Spaarnestad/Het Leven/Fotograaf onbekend

Die donderdag in het jaar 1917 was de hemel helder. De zon zou  8 uur schijnen bij een temperatuur van ca 24 C. Een lichte wind waaide uit het zuid-oosten toen de vrouwen naar de pakhuizen gingen aan de Brouwersgracht en Prinsengracht. Zij eisten van de eigenaren die te mogen inspecteren op de aanwezigheid van voedselvoorraden. Veel handelaren hielden het voedsel vast, om schaarste te creëren en zo de prijzen op te drijven (speculatieve prijsopdrijving). Tegen de middag vonden de vrouwen aan de Prinsengracht een schuit vol met aardappelen, onbewaakt  in de stralende zon.

010003040786, 06-10-2005, 16:33,  8C, 4280x2732 (181+2642), 100%, AMS_foto's, 1/120 s, R38.7, G8.9, B2.6
Tekening gemaakt door een soldaat op de zolder, Lauriergracht 116. Opschrift: “Niet schieten, jongens”. Gedateerd 5 juli 1917, de dag dat militairen op het Haarlemmerplein schoten op demonstrerende Hembrugarbeiders en een bloedbad aanrichtten.

Staat van beleg
In Amsterdam was een “staat van beleg” afgekondigd. De Oranje Nassaukazerne zat vol militairen. Daarnaast had de overheid gebouwen gevorderd waarin ook militairen werden ondergebracht. Het Paleis van Volksvlijt en het Concertgebouw waren in gebruik als kazernes en op het Museumplein was een tentenkamp ingericht. Gevorderd waren ook loodsen op de markten aan de Marnixstraat. Tussen de Elandsgracht en Rozengracht waren destijds de markthallen. En het pand Lauriergracht 116-118 was in gebruik als politiebureau, waar ook militairen ondergebracht waren. 
Hoeveel militairen er in totaal in de stad waren gelegerd zullen deze vrouwen niet hebben overzien. Militairen waren alom aanwezig: zij patrouilleerden in de volkswijken, begeleidden voedseltransporten, bewaakten winkels en voedselvoorraden en dreven met charges groepen uit elkaar. Volgens Jordanezen die ooggetuigen waren, en die Mieke Krijger rond 1984 interviewde,  waren de uit de provincie opgetrommelde militairen de grootste rauwdauwers, dat waren ‘heiknijers’. Meneer Lammers uit de Jordaan: ‘Wisten die veel wat er aan de hand was? Wisten die van die stadsideeën af, van wat de regering hun wijsgemaakt had?’

Samenscholingsverbod
Onder leiding van onder meer Bertha de Vries – De Hondt trok de almaar aangroeiende menigte vrouwen verder. Op het gerucht ‘er liggen heerlijke aardappelen in de Prinsengracht’ kwamen honderden vrouwen en kinderen te voor schijn uit de sloppen van de Jordaan. In de Prinsengracht lagen schuiten met aardappelen, bestemd voor de militairen. Die bestemming werd in een mum van tijd veranderd. Tweehonderd zakken van een halve mud wisten de vrouwen te veroveren.
(P.s. één mud is 100 liter, is ongeveer 70 kg aardappelen.)

Aardappeloproer WO-ers-TIN01_Cha29_01_T
Coll. Theater Instituut Nederland

Oorlogswinstmakers
Handelaren die zich verrijkten aan de armoede door speculatieve prijsopdrijving, werden als Oorlogswinstmakers, OW-ers, bespot, door zangers op straat en in de 14 theaters die de Jordaan toen telde.

Lokale beroemdheden als Johan Siliakus en Willem Munnik, vertolkten de zorgen en ellende van de dag op het podium. Dit duo was destijds immens populair onder de namen van de figuren Mie en Ko die zij op toneel vertolkten, de hoofdpersonen in de revues die Munnik schreef.
Het Nassautheater aan de Liijnbaansgracht was hun huistheater.

Aardappeloproer-Distributie gijn en pijn
Collectie Jordaanmuseum

Straatliederen
Een van de vele (straat)liederen over de Eerste Wereldoorlog is Het wijnglas, in 1918 geschreven door Dirk Witte. Witte vergelijkt het cynisme van de decadentie tijdens staatsbanketten van politici en diplomaten met de hongerellende van het volk. Witte klaagde de verantwoordelijken aan voor de oorlog. 

Jean-Louis Pisuisse vertolkte het lied Het Wijnglas

Holland honger laten lijden, is een groot schandaal zingt 
Koos Speenhoff – Een brief van een koe aan haar man

Publicaties
Mieke Krijger: ‘Het Boezelaarsoproer’. In: NRC-Handelsblad, 18 juni 1988.
Mieke Krijger: ‘Het Aardappeloproer in 1917’. In: Armamentaria. Jaarboek Legermuseum 2004/ 2005, p. 32-53. Themanummer ter gelegenheid van de tentoonstelling Verre van Vrede in het Legermuseum, 2004. 

Op 2 juli kon aansluitend bij de wandeling een gratis concert worden bezocht.
Concert to End All Wars – 100 jaar Aardappeloproer
De Konrad Koselleck Big Band met Ellen ten Damme en Vincent Bijlo 
Tijden
 14.00 uur
Lokatie Amsterdam Museum – de Meisjes Binnenplaats

Koselleck’s nieuwe Aardappeloproer-compositie is geïnspireerd op Jordaanse en Jiddische wijsjes, en ondersteunt de teksten en uitgesproken voordracht van Vincent Bijlo. Konrad Koselleck: ‘Wij maken een koppeling van tekst en muziek in de traditie van Brecht en Weill’s Moritat, van Mackie Messer – vol revolutionaire onrust en met een onheilspellende sfeer.’